recensie geplaatst oktober 2000
Een fraaie, traditionele versie
Verdi: Messa da Requiem Michèle Crider (sopraan), Markella Hatziano (mezzo-sopraan),
Gabriel Sadé (tenor), Robert Lloyd (bas), London Symphony Chorus, London Symphony
Orchestra o.l.v. Richard Hickox. Chandos 9490 . DDD 80' .
ff Uitvoering 7/8 . Opname 8
Vooropgesteld dat de uitgave van Verdi's Requiem onder Gardiner momenteel moeilijk te overtreffen lijkt, zeker onder de niet-Italiaanse uitvoeringen, komt deze 'niet-authentieke' versie onder zijn landgenoot Hickox goed uit de verf. Het geheel blinkt uit door een rijk verzadigde orkestklank en vooral de koperblazers van dit orkest - dat hard op weg is naar het honderdjarig jubileum in 2004 - zitten op het puntje van hun stoel. Het London Symphony Chorus doet wat van een beroepskoor verwacht mag wor-den, de koristen zingen alert, partijvast en overtuigend, en de combinatie van orkest en koor levert tal van spannen-de en beklemmende momenten op. Over de vocalisten valt een gemengd oordeel te vellen. De Amerikaanse so-praan Michèle Crider is een uitgesproken operazangeres. De theatraliteit legt zij er in sommige passages duimendik op, maar haar pianisimi zijn wonderschoon en Libera me bouwt zij uit tot een hoogtepunt van de uitvoering. Markella Hatziano beschikt over een rijke, warme vocalis-tiek, maar soms heeft zij op hinderlijke wijze de neiging de tempi te rekken. De Roemeense tenor Gabriel Sadé is geen echte uitblinker en laat zich door zijn drie collega's enigszins wegdrukken, maar heel fraai is weer het aandeel van de bas Robert Lloyd. Al met al in het kader van de traditionele uitvoeringen een fraai geheel, dat door Chandos in een rijk klankbeeld werd opgenomen.
A.H.