Recensie Henk Geuzebroek

Allerlaatste recensie van onze vaste koorrecensent

Indrukwekkend! Zo zou ik jullie uitvoering van Bachs Hohe Messe toch wel willen noemen. Dit wonderbaarlijke, magistrale monument stelt door zijn geestelijke inhoud, zijn bijna magisch knappe polyfonie en contrapuntische verwerkingen, puur technische dingen als zeer grote toonomvang, zeer lange melismen, zes- tot achtstemmige koordelen, moeilijke toegankelijkheid die de concentratie en het overzicht van het geheel bemoeilijkt -jazeker, dat allemaal bij elkaar - zeer hoge eisen, vooral bij een eerste kennismaking waarbij alles dus nog nieuw is en moet groeien.

En het moet voorwaar een gigantisch karwei zijn geweest om dit wonderwerk - waarschijnlijk het moeilijkste uit de hele barokperiode - min of meer onder de knie te krijgen. Ik heb trouwens tijdens de naborrel zo 't een en ander gehoord over wat jullie daar allemaal voor hebben moeten doen en dat er voor over hebt gehad, en daar heb ik veel respect voor. Het moet dus voldoening schenken dat dat allemaal uiteindelijk behoorlijk is gelukt, en dat deze uitvoering er zijn mocht en een grote indruk achter liet - het was weer groots!

Dat neemt niet weg dat duidelijk werd dat het koor deze keer op de tenen moest staan om alles te verwezenlijken, en dat de vereiste rijpheid nog niet altijd aanwezig was. Geen wonder! Voor mij was alles nog te massaal en te grootschalig, te weinig doorzichtig en gedifferentieerd, waardoor ik de polyfonie, de melismen en het stemmenverloop niet altijd goed kon volgen, en op een enkel bijzonder chromatisch moment liet de stemming te wensen over.

Dat is allemaal goed te begrijpen - het heeft nog veel meer tijd nodig, en de suggestie om het werk over een jaar of wat nog eens uit te voeren is daarom zo gek nog niet. Beschouw dit echter niet als negatieve kritiek. In wezen kreeg deze mis toch wel de verdieping en bezieling die hij moet hebben, en zodoende bleef het publiek tot de laatste noot geboeid. Ik ook - ik heb er best van genoten.

Het solistencorps Ellen Schuring, Marageth Beunders, Marcel Beekman en Hans de Vries droeg in hoge mate bij aan het hoge niveau van deze uitvoering: met prachtige stemmen, indringende emotie en volledige inzet gaven ze alle vier buitengewoon indrukwekkende bijdragen aan dit ongewone concert. Ik vind het niet zo nodig om hier in details te treden, dat heeft niet zoveel zin. Op te merken valt slechts dat dit viertal met soli, duetten, terzetten en bij het koor zorgde voor bijzondere elementen die de verdieping van dit eclatante werk op uitzonderlijke wijze bekrachtigden.

En ten slotte natuurlijk het magnifieke ensemble Florilegium Musicum, waar ik hier al meer dan eens lovend over mocht schrijven en dat zich ook nu weer presenteerde als een topensemble. Een schitterend strijkerscorps met bijzondere solisten: een schilderachtige traverse, wondermooi geïntoneerde hoboï d'amore, een levendige vioolsolo in "Laudamus te", die helaas een beetje op de achtergrond bleef (maar ik zat ook wel erg ver achterin) en een imponerende hoorn in "Quoniam tu solus Sanctus" - tegen een buitengewoon geïnspireerde bassolo, die bij mij is blijven hangen. Een bewonderenswaardig orkest, volkomen geïntegreerd in het totale geheel en zeer geïnspireerd. Toch een rijkdom als je zo'n ensemble regelmatig tot je beschikking kunt hebben. Alles bij elkaar dus toch een bijzonder concert waar jullie best trots op kunt zijn. De hectische en inspannende voorbereidingen zijn beloond!

> terug naar terugblik