Van onze vaste recensent
Met een fantastische uitvoering van Bach's Weihnachtsoratorium heeft ons koor op waardige wijze het seizoen 2003 afgesloten. Voorwaar een concert waarin letterlijk alle medewerkenden - koor, solisten en orkest - op zeer hoog niveau musiceerden en zodoende dit unieke oratorium tot een hoogtepunt voerden die een diepe indruk achterliet.
De opstelling voor de preekstoel, voluit in de breedte, bleek voordelen te hebben: een onverwacht verruimende akoestische werking met een perfecte stemmenverhouding en een totaalklank waarin altijd alles, ook in de grote fortenpassages, feilloos was te volgen. Slechts de melissen, zoals bijvoorbeeld in koor nr. 21 "Ehre sei Gott", liepen wel eens door elkaar, maar dat lag toch meer aan de akoestiek in de kerk.
De uitvoering van alle zes cantates was een tamelijk gigantische klus met al die kolossale koren waarin zowel technisch als muzikaal zoveel wordt gevraagd. Ik treed hier maar niet in details - jullie, die een aantal maanden als lijdend voorwerp aan al die problemen werden ontworpen, weten dat maar al te goed! - maar weet goed dat alles perfect is verlopen. Het was, als vanouds, een uitvoering zoals ik die van jullie gewend ben: volledig geconcentreerd, bezielend, in voortvarende tempi en met volle overtuiging die nooit inzakte. En dat was dus weer een grote prestatie.
Waaraan dus ook weer een koppel magnifieke solisten meewerkten.
De stralend hoge en beweeglijke sopraan Nienke Oostenrijk, die het hier voornamelijk
van ensembles als duetten en terzetten moest hebben en daar mooi aangepast maar
toch met ruimte voor haar eigen stem aan deelnam.
De alt Annelies Lamm, die hals over kop de zieke Wilke te Brummelstroete moest
vervangen en dat voortreffelijk deed: een mooie ronde alt die indringend en
met overtuiging zong, zij het soms met een wat groot volume, bij voorbeeld in
de aria "Schlafe, mein Liebster" (die ik wel eens het schoonste wiegenlied van
alle tijden heb horen noemen), een beetje groot en onrustig, ook in het orkest,
waardoor de intimiteit en warmte van dit wonderschone lied wat verloren ging.
De levendige en helder open tenor Robert Lutz, die een pakkende evangelie verzorgde,
maar ook een aantal aria's die bewondering afdwongen, waaronder vooral "ich
will nur dir Ehre geben" met die venijnige melismen, de bas Pieter Hendriks,
wat licht maar vurig en met overtuiging - allemaal rasmusici die solistisch
en in ensembles prachtige dingen lieten horen - zoals in het terzett "wann wird
die Zeit erscheinen", een waar pronkstuk.
En de jongenssopraan Derk Alblas, die de echo's in de beroemde echoaria zong,
moet hier ook worden genoemd - hij deed dat keurig!
En ten slotte het indrukwekkende kamerorkest "Continuo"dat deze avond naar mijn idee op topcapaciteit musiceerde en voorwaar de prachtigste dingen liet horen. Een schitterende strijkersgroep, prachtige solisten in hout en koper - waaronder twee imposante jachthoorns, en een volledige inzet aan het geheel. Ik geef geen details, maar de prachtige Sinfonia aan het begin van het tweede deel wil ik er toch in het bijzonder uithalen, dat was bijna toverachtig, ook onder andere de houtblazers in het slotkoraal van het tweede deel, en de orkestrale inleiding tot diverse grote koren dwongen de grootste bewondering af.
De vermelding dat de organiste Martine van der Meiden voor de laatste keer medewerking verleende deed iedereen wel wat. Deze bescheiden, maar betrouwbare en vakkundige musicienne hoorde bij de concerten onder Kees vrijwel bij de inventaris. En haar afscheid sluit zowat een tijdperk af. Men zal haar missen. Jullie kunnen terugzien op een voortreffelijke en indrukwekkende uitvoering.
Henk Geuzebroek
> terug naar terugblik