Weihnachtsoratorium vol piekmomenten
bron: AD/Rivierenland 18 december 2009, door GER VAN DER TANG
COV Gorkum, Continuo Rotterdam,
Margriet den Hartog, orgel, en solisten o.l.v. Kees Glaubitz.
Gehoord: 16 december, Grote Kerk,
Gorinchem.
GORINCHEM - Johann Sebastian Bach haalde voor het slotkoraal van zijn Weihnachtsoratorium de melodie van het aangrijpende O Haupt voll Blut und Wunden uit de Matthäus Passion uit zijn la en stak de begeleiding in een feestelijk pak: jubelende blazers, jachtende strijkers, dreunende pauken. En trompetklanken als triomfantelijke kroon op het geheel. Bijna een rockversie.
COV Gorkum had het werk in geen tien jaar meer uitgevoerd en maakte dat woensdag ruimschoots goed met een prachtige uitvoering onder Kees Glaubitz van, anders dan gebruikelijk, alle zes cantates waaruit dit oratorium bestaat.
Met een voortreffelijk, bezield zingend koor dat al in de opening, Jauchzet, frohlocket, ondertrompetgeschal en paukenslagen zijn kwaliteiten demonstreerde en dat hoge niveau de hele avond vasthield. De inzetten van de tenoren waren in het begin te bescheiden, maar later legden zij evenveel durf en elan aan de dag als de andere partijen. Vooral de fuga Herr, wenn die stolzen Feinde was een perfect staaltje van ensembletechniek. Uiteraard in samenspel met Continuo Rotterdam en organiste Margriet den Hartog, die ook al in prima vorm staken.
De Sinfonia op de tweede kerstdag was betoverend. Tussen de tutti-bedrijven door waren veel mooie soli te genieten, zoals op fluit, hobo en eerste viool. En de 'vaste' continuo-sectie (orgel, bassist, eerste cellist) stond als een huis. De tenor Jean-Léon Klostermann gaf aan de partij van de Evangelist een mooi timbre en dito dictie en zong zijn technisch lastige aria's meesterlijk. Ook Diane Verdoodt (sopraan) liet schitterende zang horen, zoals in Flösst, mein Heiland, met de echo's van de hobo en van koorsoliste Irna van Beest. En de bas-bariton Ronald Dijkstra gaf aan zijn recitatieven en aria's een opvallend lichte, hoogst muzikale toets. Nicky Bouwers startte onwennig en haar frasering kan beter. Maar gaandeweg won de jonge alt aan expressie en volheid van klank.
Tot slot: veel bewondering komt toe aan Kees Glaubitz, die zijn ensemble in een ontspannen doch vaste greep hield en het bekwaam loodste langs de verborgen klippen in Bachs magnifieke partituur.
> terug naar terugblik
> bekijk concertfoto's